Het spreken van de kerk mag schuren
Visioen van scheidend voorzitter Redmer Kuiken
door Wilfred Scholten
[rokdownload menuitem="53" downloaditem="291" direct_download="true"]Kerk in Mokum - september 2011[/rokdownload]
Het is 2025. In Amsterdam zijn zeven grote kerken waar wekelijks protestanten samenkomen om Gods Woord te overdenken. In de verschillende buurten van de stad is een netwerk van ‘steunpunten’, van een inloop met koffiedrinken, een gesprekskring en een diaconaal centrum. De stem van de kerk wordt volop gehoord in het maatschappelijk debat in de stad, wat regelmatig tot reuring en ongemak leidt.
Persoonlijk visioen
Redmer Kuiken noemt dit zijn persoonlijk visioen, al wil de scheidend voorzitter van de Algemene Kerkenraad zichzelf niet uitroepen tot profeet of ziener. Het pleit voor mans bescheidenheid, maar een voorzichtige vergelijking met Mozes misstaat in dit verband toch niet. Acht jaar lang heeft hij er keihard aan getrokken om het verdeelde en verwarde kerkvolk dat als gereformeerden en hervormden fuseerde in de Protestantse Kerk Amsterdam naar eenheid te leiden.
Nieuw elan en saamhorigheid
Wat er ook allemaal nog steeds niet deugt, ook critici moeten erkennen dat de gelijktijdig ingezette versobering en vernieuwing nieuw elan en saamhorigheid heeft gebracht in de kerk van Mokum. Na jaren van werken aan pittige plannen, trajecten en projecten, is er iets van vitaliteit en enthousiasme te merken. Opmerkelijk: de tendens tot kerkverlating lijkt te zijn gestopt, er is voor het eerst sinds decennia een stabilisatie van het ledental.
‘Het dieptepunt hebben we gehad’, meent Kuiken, die ook hierbij een gedurfde blik op de toekomst werpt. De rector van de scholengemeenschap Damstede in Noord wordt weer gewoon kerklid. ‘Dat is prima. Je moet geen organisatie rond mensen bouwen.’
De financiën mogen dan beter op orde zijn en het onderlinge vertrouwen in elkaar toegenomen, dat is nog niet voldoende om echt een wervende kerk te zijn – het hoofddoel van de herbezinning. De protestantse kerk heeft zich naar buiten toe vaak ten onrechte klein gemaakt. ‘Je mag jezelf wel meer laten zien en horen’, zegt Kuiken.
Kerk mag stem meer laten horen
Het spreken van de kerk, een lastig thema dat nu nog nauwelijks van de grond komt, is een ander deel van het visioen dat Kuiken voor ogen heeft: ‘Bij maatschappelijke discussies over ritueel slachten of Wilders, mag de kerk haar stem meer laten horen. Het zal best gebeuren dat mensen dan tegen de haren in gestreken worden, maar dat moet dan maar. Het mag schuren en botsen, dat is soms nodig om tot het goede te komen, zeker als de politiek het laat afweten.’
Zeven kerken
Er is de afgelopen jaren geïnvesteerd in mensen in plaats van in steen. Maar kunnen de 20.000 protestanten in Amsterdam de twintig kerken dan tot in de eeuwigheid in stand houden? Zijn daar geld en vrijwilligers genoeg voor? Stel dat het huidige beleid om dit in stand te houden niet haalbaar blijkt, wat dan? ‘Dat is het grote onbekende’’, zegt de scheidend voorzitter. Vandaar zijn visioen om de energie te concentreren op zeven kerken en een netwerk van steunpunten. ‘Wat kunnen we dan veel doen: vespers houden, speciale gospeldiensten of een prachtige kerkdienst met vier koren en beroepsmusici. Waar we nu het geld, de tijd en de menskracht niet voor hebben.’
Wat geloven we in Mokum?
De vertrekkend kerkbestuurder kan zich voorstellen dat er leden zijn die de vernieuwing een warm hart toedragen, maar minder bezorgd zijn over een kerk die leger wordt en meer in zitten over een kerk zonder inhoud. Saamhorigheid is mooi en knus, maar wat geloven we hier in Mokum eigenlijk nog met elkaar? Is dat niet veel essentiëler? ‘Ik ben niet zo gebakken dat ik evangeliserend de straat op ga, dat kunnen anderen beter. Maar natuurlijk heeft de kerk een missie te volbrengen. Bij de missie van de Protestantse Kerk Amsterdam,‘Gods liefde gestalte geven in de stad’, hoort het gesprek over wat we geloven. Er mag best meer verteld worden waarom we iets doen, wat onze inspiratie is. Het verhaal van Jezus moet doorverteld worden, dat is de essentie van ons bestaan als kerk.’
Hoe belangrijk al dit sjouwen voor de Heer ook is, Kuiken beseft dat de vrucht van het werk niet volledig afhankelijk is van mensenhanden. ‘Wij bieden iets aan, vertellen het verhaal verder. Maar het ligt uiteindelijk in de hand van God hoe het met de kerk verder gaat. Het laatste duwtje kan niet van ons komen. Dat relativeert, maar inspireert tegelijk.’
door Wilfred Scholten
[rokdownload menuitem="53" downloaditem="291" direct_download="true"]Kerk in Mokum - september 2011[/rokdownload]
Het is 2025. In Amsterdam zijn zeven grote kerken waar wekelijks protestanten samenkomen om Gods Woord te overdenken. In de verschillende buurten van de stad is een netwerk van ‘steunpunten’, van een inloop met koffiedrinken, een gesprekskring en een diaconaal centrum. De stem van de kerk wordt volop gehoord in het maatschappelijk debat in de stad, wat regelmatig tot reuring en ongemak leidt.
Redmer Kuiken noemt dit zijn persoonlijk visioen, al wil de scheidend voorzitter van de Algemene Kerkenraad zichzelf niet uitroepen tot profeet of ziener. Het pleit voor mans bescheidenheid, maar een voorzichtige vergelijking met Mozes misstaat in dit verband toch niet. Acht jaar lang heeft hij er keihard aan getrokken om het verdeelde en verwarde kerkvolk dat als gereformeerden en hervormden fuseerde in de Protestantse Kerk Amsterdam naar eenheid te leiden.
Nieuw elan en saamhorigheid
Wat er ook allemaal nog steeds niet deugt, ook critici moeten erkennen dat de gelijktijdig ingezette versobering en vernieuwing nieuw elan en saamhorigheid heeft gebracht in de kerk van Mokum. Na jaren van werken aan pittige plannen, trajecten en projecten, is er iets van vitaliteit en enthousiasme te merken. Opmerkelijk: de tendens tot kerkverlating lijkt te zijn gestopt, er is voor het eerst sinds decennia een stabilisatie van het ledental.
‘Het dieptepunt hebben we gehad’, meent Kuiken, die ook hierbij een gedurfde blik op de toekomst werpt. De rector van de scholengemeenschap Damstede in Noord wordt weer gewoon kerklid. ‘Dat is prima. Je moet geen organisatie rond mensen bouwen.’
De financiën mogen dan beter op orde zijn en het onderlinge vertrouwen in elkaar toegenomen, dat is nog niet voldoende om echt een wervende kerk te zijn – het hoofddoel van de herbezinning. De protestantse kerk heeft zich naar buiten toe vaak ten onrechte klein gemaakt. ‘Je mag jezelf wel meer laten zien en horen’, zegt Kuiken.
Kerk mag stem meer laten horen
Het spreken van de kerk, een lastig thema dat nu nog nauwelijks van de grond komt, is een ander deel van het visioen dat Kuiken voor ogen heeft: ‘Bij maatschappelijke discussies over ritueel slachten of Wilders, mag de kerk haar stem meer laten horen. Het zal best gebeuren dat mensen dan tegen de haren in gestreken worden, maar dat moet dan maar. Het mag schuren en botsen, dat is soms nodig om tot het goede te komen, zeker als de politiek het laat afweten.’
Zeven kerken
Er is de afgelopen jaren geïnvesteerd in mensen in plaats van in steen. Maar kunnen de 20.000 protestanten in Amsterdam de twintig kerken dan tot in de eeuwigheid in stand houden? Zijn daar geld en vrijwilligers genoeg voor? Stel dat het huidige beleid om dit in stand te houden niet haalbaar blijkt, wat dan? ‘Dat is het grote onbekende’’, zegt de scheidend voorzitter. Vandaar zijn visioen om de energie te concentreren op zeven kerken en een netwerk van steunpunten. ‘Wat kunnen we dan veel doen: vespers houden, speciale gospeldiensten of een prachtige kerkdienst met vier koren en beroepsmusici. Waar we nu het geld, de tijd en de menskracht niet voor hebben.’
Wat geloven we in Mokum?
De vertrekkend kerkbestuurder kan zich voorstellen dat er leden zijn die de vernieuwing een warm hart toedragen, maar minder bezorgd zijn over een kerk die leger wordt en meer in zitten over een kerk zonder inhoud. Saamhorigheid is mooi en knus, maar wat geloven we hier in Mokum eigenlijk nog met elkaar? Is dat niet veel essentiëler? ‘Ik ben niet zo gebakken dat ik evangeliserend de straat op ga, dat kunnen anderen beter. Maar natuurlijk heeft de kerk een missie te volbrengen. Bij de missie van de Protestantse Kerk Amsterdam,‘Gods liefde gestalte geven in de stad’, hoort het gesprek over wat we geloven. Er mag best meer verteld worden waarom we iets doen, wat onze inspiratie is. Het verhaal van Jezus moet doorverteld worden, dat is de essentie van ons bestaan als kerk.’
Hoe belangrijk al dit sjouwen voor de Heer ook is, Kuiken beseft dat de vrucht van het werk niet volledig afhankelijk is van mensenhanden. ‘Wij bieden iets aan, vertellen het verhaal verder. Maar het ligt uiteindelijk in de hand van God hoe het met de kerk verder gaat. Het laatste duwtje kan niet van ons komen. Dat relativeert, maar inspireert tegelijk.’
















