Nieuwe kansen voor de kerk

  • Berichtcategorie:Nieuws

Tim Vreugdenhil is oprichter van de CityKerk Amsterdam en stadspredikant van Amsterdam. Onlangs verscheen zijn boek ‘Opener dan ooit. Nieuwe kansen voor kerken’.

De titel van je boek is gebaseerd op een reclameslogan van Coca Cola. Hoe is dat zo gekomen?

In de zomer van 2020 was ik zelf een beetje down door corona. Ik fietste door de stad en zag opeens een billboard met daarop ‘Open Like Never Before’. Dat raakte mij meteen en gaf me hoop. Ik kwam er later achter dat het een reclamecampagne van Coca Cola was en daarna ben ik me er meer in gaan verdiepen waarom ze die openheid zo benadrukken. Deze slogan hielp me om het beter vol te houden in de tijd die daarop volgde.

Voor wie heb je dit boek geschreven?

Allereerst voor mensen die bij een kerk zitten, zonder dat ze in een leidinggevende positie zitten, maar die hart hebben voor de missie van de kerk en daar inspiratie bij zoeken. En ook voor mensen die door corona een andere verhouding tot de kerk hebben gekregen. Want het kan zijn dat je losser van de kerk bent komen te staan doordat kerkgang lastig was of juist voor het eerst in aanraking bent gekomen met de kerk door het online aanbod dat nu natuurlijk explosief gegroeid is.

Hoe was de coronatijd voor jezelf? Heb je toen ook heel erg de kerkdiensten gemist bijvoorbeeld?

Nee, eigenlijk niet. Ik ging voor coronatijd wel regelmatig voor in diensten en als ik vrij had ging ik ook wel met mijn gezin naar de kerk. Maar eigenlijk had ik niet het idee dat er iets ontbrak in mijn leven, toen de kerkdiensten wegvielen. Het lukte mij wel om mensen te blijven ontmoeten en inspiratie te vinden, ook zonder die kerkdiensten. Ik bedoel hier overigens niet mee te zeggen dat zonder kerkdiensten mijn geloof weg is of dat God geen rol meer speelt in mijn leven. Of dat de kerkdienst voor andere mensen niet waardevol kan zijn. Maar volgens mij zijn er wel meer mensen zoals ik, die prima zonder kerkdiensten kunnen.

Volgens mij zijn er wel meer mensen zoals ik, die prima zonder kerkdiensten kunnen

Dus dan blijft nog wel de vraag staan: hoe kan het dan dat we voor coronatijd druk waren met het wekelijks organiseren van diensten en dat sommigen dat niet eens missen als het daarna wegvalt? Klopt die vorm dan nog wel? In mijn boek hoop ik mensen handvatten te geven om hierover na te denken, zonder dat ik een blauwdruk presenteer van hoe de kerk na corona eruit zou moeten zien.

Welke andere observaties neem je mee uit de coronatijd?

Corona heeft ons ook geleerd hoe kwetsbaar we allemaal zijn. Natuurlijk zijn er vaccins en ziekenhuizen, maar iedereen kon zomaar ziek worden en dat maakte me op een bepaald moment ook wel angstig. Misschien dachten sommige mensen dat we het wel zonder God af konden en dat we onoverwinnelijk waren, maar deze crisis heeft laten zien dat de mens niet alles onder controle heeft. Tegelijkertijd werd er ook veel van ons verwacht in deze moeilijke tijd, we moesten doorgaan, volhouden en veerkracht tonen. Deze balans tussen kwetsbaarheid en kracht komt nu op een natuurlijke wijze aan de orde in de samenleving, dat is natuurlijk wel een onderwerp waar de kerk veel over te zeggen heeft.

Kun je daar een voorbeeld van geven?

Jazeker. In coronatijd ben ik met mijn gezin verhuisd binnen Amsterdam. We verruilden onze veel te kleine woning voor een groter appartement waarin alles nieuw en werkend was. Zo’n drie weken na de verhuizing zaten mijn vrouw en ik maar een beetje ongelukkig te wezen in ons nieuwe huis. Eerst wilden we er niet aan toegeven omdat we vonden dat we niet moesten klagen, maar toen we daar wat aandacht aan gaven kwamen we tot de conclusie dat hier sprake was van ontworteling. Hoewel ons lichaam al was verplaatst, was onze ziel nog niet zover.

Zo’n drie weken na de verhuizing zaten mijn vrouw en ik maar een beetje ongelukkig te wezen in ons nieuwe huis

Vervolgens bedacht ik dat het wel een leuk idee zou zijn als kerken pakketjes met de tekst ‘Help, ik ben verhuisd!’ zouden uitdelen aan nieuwe wijkbewoners. Natuurlijk met een vette knipoog, maar ook met een serieuze ondertoon. Je zou bijvoorbeeld iets kunnen zeggen over Abraham, die ook huis en haard moest verlaten. En dat het dus bij het leven hoort om soms ergens je tent op te slaan en daarna ook weer te vertrekken. Als je verhuist, krijg je te maken met Waternet, met de post. Maar hoe leuk zou het zijn als de kerk ook vanuit dat rijtje iets aanbiedt voor je ziel?

Hoe komt het dan dat jij al veel meer over de betrokkenheid van de kerk hebt nagedacht dan de gemiddelde voorganger of kerkbezoeker?

Dat heeft denk ik te maken met het feit dat ik vijf jaar geleden ben gestopt als traditionele gemeentepredikant. Ik stopte met preken, met het brengen van pastorale bezoeken, omdat ik mij meer wilde richten op een veel bredere groep Amsterdammers die nog niet in aanraking waren gekomen met het christelijk geloof. Daardoor werd ik min of meer gedwongen om nieuwe manieren te verzinnen waarop ik in gesprek kon gaan met deze doelgroep. Ik denk dat corona duidelijk heeft gemaakt dat niet alleen dominee Tim die iets geks aan het proberen is creatief moet zijn, maar dat alle kerken dat zouden moeten zijn.

Wat zou je de kerken in Amsterdam daarin willen meegeven?

Laten we focussen op de nieuwe kansen voor de kerk. Het klopt dat de kerk steeds kleiner wordt. Maar net als bij een voetbalwedstrijd is het heel leuk om kansen te creëren. Die kansen liggen er al, omdat de stad juist nu worstelt met vragen waar kerken een antwoord op kunnen geven. Laten we samen die kansen creëren en waar nodig het oude loslaten, zou ik tegen mijn eigen club willen zeggen.

Voor meer informatie over Tims boek, klik hier.

Dit artikel verscheen eerder in Kerk in Mokum, juni 2021. Het hele nummer lees je hier.

Tekst: Hanna Blom-Yoo
Foto: Marloes van Doorn