Wat doe jij met kerst?

Door Rosaliene Israël (predikant-scriba van de Protestantse Kerk Amsterdam

Het is een terugkerend refrein tussen vrienden, familieleden en collega’s in de aanloop naar de winterse feestdagen: ‘En, wat doe jij met Kerst?’ De beantwoording ervan zegt veel over onze cultuur en hoe familieconstellaties eruit zien, realiseer ik me. Voor samengestelde gezinnen betekenen de feestdagen een hoop gepuzzel met agenda’s. Wie gaat wanneer naar welke (groot)ouders? Welk adres slaan we dit jaar maar eens over? Wie geen (contact met) familieleden of vrienden heeft, zit aan de andere kant van het spectrum. Die wordt in deze periode extra geconfronteerd met wat en wie er niet is. De pandemie heeft er wat dat betreft op een gekke manier aan bijgedragen dat we ons allemaal wel een klein beetje herkennen in het gemis dat voor veel mensen in deze periode van het jaar gewoon is.

Omgaan met onzekerheid

Helaas is de coronapandemie nog steeds een factor van belang. Hoe de maatregelen er met kerst uitzien, is op dit moment moeilijk te voorspellen. En dat is een ding op zich. Want: hoe bereid je je voor op wat onzeker is? De bijbelse traditie biedt aanknopingspunten om je juist tot die onzekerheid te verhouden. Aan Kerst gaat een periode van verwachten vooraf. De weken van Advent zijn er om ons te oefenen in vooruitzien zonder precies te weten wat of wie er komt. De verhalen die we lezen, gaan over hoop op een nieuwe toekomst, en hoe je daar in het hier en nu een glimp van op kunt vangen.

De bijbelse traditie biedt aanknopingspunten om je juist tot onzekerheid te verhouden

Geen gemakkelijke opgave als de vooruitzichten op allerlei terreinen somber zijn. Dat is voor mij de reden waarom kerken, pioniersplekken en christelijke leefgemeenschappen zo waardevol zijn. Daar kun je terecht met wat je persoonlijk beweegt. Je kunt er ontdekken hoe hier en nu iets merkbaar wordt van de toekomst die al begonnen is. Je kunt er anderen ontmoeten die net als jij geraakt zijn door het verhaal van Jezus en samen ontdekken hoe dat verhaal nog steeds doorgaat.

Jongeren op achterstand

Aan het begin van dit seizoen maakten we met elkaar de balans op van anderhalf jaar kerkzijn met corona. We concludeerden dat er naast grote zorgen om kwetsbare groepen en het gemis van fysiek samenzijn, ook positieve kanten aan deze tijd zitten. Er is veel creativiteit boven komen drijven! Online vieren maakt zichtbaar hoe er ook door mensen ver weg wordt meegeleefd. Amsterdamse kerken en geloofsgemeenschappen spelen een niet onbelangrijke rol in het tegengaan van eenzaamheid en het ledigen van noden. Denk aan de distributie van voedselpakketten en maaltijden. Veel makkelijker dan grote ngo’s weten deze gemeenschappen mensen in de marges van onze stad te bereiken.

Hebben we gedaan wat we kunnen en goed genoeg geluisterd naar de vragen en behoeften die er zijn?

Een grote zorg – die ook breed in de samenleving wordt herkend – is hoe kinderen en jongeren door deze pandemie heen komen. Achterstanden die er al waren, zijn vergroot. En het gebrek aan perspectief heeft grote impact op jongeren en studenten in de stad. Het roept de vraag op hoe we er als samenleving voor jongeren kunnen zijn en op welke manier we hen kunnen ondersteunen. We zijn gezegend met pioniersplekken als de Kwekerij, Holy Hub, Taizé in Amsterdam en Gist, die een thuis voor jongeren en jongvolwassenen willen zijn. Maar ik denk dat we ons steeds kritisch de vraag moeten blijven stellen: hebben we gedaan wat we kunnen en goed genoeg geluisterd naar de vragen en behoeften die er zijn?

Kwetsbaar verhaal

Het raakt me dat God onder ons is gekomen in een klein kind, op een onooglijke plek, aan de randen van de maatschappij, onder de outcasts. Dat zegt iets over waar we ook vandaag nog iets van dit kind kunnen ontdekken. Gebouwen (in)gericht op de godsontmoeting, feestelijke en uitbundige liturgieën, talloze lichtjes: ze zijn bedoeld om dat verhaal ruimte te geven. Maar het is een kwetsbaar verhaal, en we kunnen het met al onze goede bedoelingen maar zo wegdrukken. Daarom hoop ik dat onze inspanningen het verhaal niet in de weg zitten, maar ruim baan maken voor het goede nieuws.

 

Soms ben ik bang dat u niet blijft,
dat uw voeten leegbloeden op lege
wegen, dat uw zachtmoedige handen tegen
zoveel verraad, zoveel weerspannigheid

In mensen en dingen niet bestand
zijn, dat u zeggen zult: ik had beter
moeten weten, mensen waarheid leren
is waanzin, leugen hun vaderland.

Moet ik u dan nu, in de kribbe
waarschuwen? Zeggen: doe het niet,
doe het anders, laat uw moeder vergeten

wat de engel sprak? Uw eigen stilte
– nacht, sterren, adem – zingt uw lied
van antwoord: zelfs op aarde vrede.

(Gabriël Smit, Liedboek p. 909)

Dit artikel verscheen eerder in Kerk in Mokum, december 2021.
Foto: Marloes van Doorn