‘Ik merkte dat ik aan het bidden was’

  • Berichtcategorie:Column / Corona

Het begon met een whatsappje op 14 januari: ‘Tim Hofman hier: ik dacht laten we eens een afspraak maken voor de Preek van de Leek!’ Zijn bericht kwam niet zomaar uit de lucht vallen…

Via Facebook hadden we de oproep geplaatst wie we als Protestantse Kerk Amsterdam eens moesten vragen voor de Preek van de Leek, na de succesvolle serie van november vorig jaar met Sigrid Kaag, Duncan Stutterheim en Joris Bijdendijk. Bij de namen die spontaan vielen, was ook die van programmamaker Tim Hofman (1988) van BNNVara. Bekend van onder meer de tv-programma’s Spuiten en slikken, maar ook van het gevoelige Over mijn lijk waarin jongeren die ongeneeslijk ziek zijn, vertellen over hun naderende dood. Op internet maakt hij documentaires onder de naam BOOS waarin hij mensen die maatschappelijk in de knel zijn geraakt, helpt om hun recht te halen. Zekerheid dat hij de Preek van de Leek mag doen, is er nog niet. In september wordt er de-finitief over beslist. Hij staat wel hoog op de groslijst. Een gesprek dus als een soort open sollicitatie. Appje terug: ‘Top. Zin in!’

Praatje
Vanwege corona en omdat hij het zo druk heeft, bellen we. Vraag van Tim aan de interviewer: ‘Jij bent gelovig?’ ‘Jazeker.’
‘Nou fantastisch toch, dat er een hiernamaals is en Iemand om je geeft. Ik herken dat warme gevoel wel hoor.’

‘Denk je nooit: wie weet?’
‘Ik weet helemaal niets. Ik wil mezelf wel horen lullen op mijn sterfbed hoor. Voor nu denk ik: religie kan een mooie inspiratiebron zijn en een hele lelijke.‘ ‘Maar ik geloof het gewoon niet!’ Hij noemt zich daarom agnost. Maar toen hij veel samen deed met Gert-Jan Segers van de ChristenUnie, ontdekte hij dat ze best vaak op hetzelfde standpunt uitkwamen. Dat verbaasde hem. ‘Ik denk dan: je kunt mij dus ook in een volle kerk zetten en een praatje laten houden. Ik vind het een leuke uitdaging.’

‘Ho ho, een preek is geen praatje. Klinkt wel erg oneerbiedig.’
‘Praatje of preek… Oké, dat is het probleem met jullie christenen altijd: zo dogmatisch! Nee, geintje hoor.’

‘Een preek is geen speech. De deelnemers aan Preek van de Leek staan vaak trillend op de preekstoel. Hoe ervaren ze ook zijn, het is kennelijk toch iets anders.’
‘Dat snap ik. Ik weet niet of ik er trillend sta, maar het is inderdaad hoogdravender. Het lijkt me leuk om toch raakvlakken te zoeken tussen jullie kerkgangers en mijzelf. Jullie zijn in Amsterdam best progressief, toch? Het is geen Urk. Maar ik heb ook een boodschap van liefde en zingeving. En een opvatting over ethiek: wat is goed en fout. Dat wil ik graag met jullie delen.’

David en Goliat
Hoewel zijn ouders allebei uit een rood, Rotterdams, niet religieus milieu kwamen, stuurden ze Tim wel naar de christelijke basisschool en de Bijbelklas. Zodoende kent hij alle verhalen uit het boek van binnen en van buiten, zegt hij. Tot zijn twaalfde was hij een gelovig jongetje, maar daarna twijfelde hij over het bestaan van God. Als tiener werd hij agnost. ‘Al betrapte ik me er onlangs op dat ik aan het bidden was. Ik heb iets naars meegemaakt in mijn privéleven en na drie seconde dacht ik: oh ja, het systeem uit mijn jeugd. Grappig dat het op zo’n moeilijk moment de kop weer opstak.’

‘Je kent de Bijbelverhalen dus. Heb je er al een op het oog voor een mogelijke Preek van de Leek?’
‘Daar wil ik werk van maken, ik ga er eens goed voor zitten. Ik ga op zoek naar een verhaal waarmee ik aansluiting kan vinden met de mensen en de actualiteit, wat er op dit moment in de wereld gebeurt. Waar ik heel warm van word is het verhaal van David en Goliat. Dat zeiden we regelmatig bij opnames van BOOS, bij figuren die tegen de macht streden: het lijkt wel David tegen Goliat. Dat is ook het thema dat ik als kind had: bij autoriteit en macht heb ik me nooit comfortabel gevoeld.’

‘Jij voelt je dan David?’
‘Nee, ik niet, maar Nemr van 9 jaar uit Irak wel. Hij dreigde ons land uit gesodemieterd te worden, omdat zijn land van herkomst weer veilig zou zijn. Dan ga ik in het team van David zitten. Ik heb zelf geen pretentie een David te zijn.’

In Over mijn lijk komen veel vragen voorbij over leven, dood en zingeving. Ben je daar dan ook mee bezig?’
‘Op mijn 14e ben ik door een auto geschept, het is een wonder dat ik het er levend vanaf bracht, dat vond de ambulancebroeder ook. Hij zei: “Je hebt een engeltje op je schouder.” Mijn reactie was meteen: “Dat kan niet, want ik geloof niet in engelen.” Terwijl het wel duidelijk was dat iemand mij wilde sparen, anders kan ik het niet verklaren. Ik heb daar achteraf problemen mee gehad, die zich uitten in angsten en depressies. Daar ben ik gelukkig overheen gekomen. Daardoor kan ik dat programma ook maken, hoewel het niet te dichtbij moet komen. Het is rauw. Jongeren van 20 tot 30 jaar die zulke vreselijke dingen meemaken. Ik moet soms dingen loslaten, anders is het niet te doen’.

‘In die uitzendingen zeggen (niet-gelovige) jongeren vaak: “ik geloof dat ik straks naar een mooie plek ga.” Ze hebben het idee: er is meer. Herken je dat?’
‘Het kan een geruststellende gedachte zijn, dat is fantastisch toch. Dat heeft niets te maken met dogmatische religie. Ik weet het voor mezelf niet, maar ik moet nog zien hoe ik erover denk als ik dood ga, ik hoop pas over een jaar of zeventig’.

‘Als je straks misschien op de preekstoel staat, wat voor boodschap zou je willen meegegeven?’
‘Ik ga natuurlijk de Bijbel aanhalen, maar ik ga ook proberen, omdat ik weet dat het kan, te laten zien dat iemand die niet gelooft, niet religieus is en vrij progressief is, een boodschap van liefde kan brengen. Ik vind dat een mooi idee. Dat vind ik er leuk aan. En er mag toch ook wel gelachen worden?’
‘Dat mag hoor.’ ‘Dat zou prettig zijn. Ik zou willen laten zien dat je prima op hetzelfde punt kunt uitkomen, ondanks het verschil van startpunt.’

De Preek van de Leek wordt dit jaar gehouden op zondag 8, 15 en 22 november om 17.00 uur in de Doopsgezinde Kerk aan het Singel

Geschreven door: Wilfred Scholten

Deel en like deze blog