‘Ik ben niet spiritueel, maar protestants’ – Jenneke Welmers

’Ik ben een kind van God die een plek zoekt om haar talenten in te zetten’. Foto: Marloes van Doorn

Directeur Kerkelijk Bureau Jenneke Welmers
Ze werkt liever op de achtergrond, om de boel goed te regelen. In een interview had ze dan ook geen trek. Pas na lang aandringen wil Jenneke Welmers (42), directeur van het Kerkelijk Bureau van de Protestantse Kerk Amsterdam wel vertellen waarom ze een jaar geleden als ambitieus manager van de ABN AMRO de opmerkelijke overstap maakte naar een leidinggevende functie in de kerk. ‘Je kunt de wind niet sturen, maar je kunt wel overstag gaan.’

Talenten
Ze weet het nog goed. Het was in oktober 2016. Ze zat met haar echtgenoot Guido in de tuin. Witte wijn erbij. Ze spraken over haar loopbaan. Jenneke was net 40 jaar geworden. ‘Als ik nog wat anders wil, moet het nu gebeuren’, zei ze. Samen hadden ze wel eens gesproken over een baan in het buitenland. ‘Maar na een paar jaar zouden we terug komen met de kinderen en dan kom ik voor diezelfde vraag te staan.’ Op die mooie najaarsavond besloot ze haar baan op te zeggen en na te denken over de rest van haar leven. ‘Ik had geen plan B. Ik zou wel zien.’ De reden om weg te gaan had niets te maken met de ABN Amro of de kwalijke reputatie van de financiële sector. Ze had het er prima naar haar zin, de collega’s waren leuk en het werk boeiend. ‘Ik kon er mijn talenten prima kwijt: cijfermatig bezig zijn, analytisch denken en snel beslissen. Maar ik wilde ook andere dingen doen, meer maatschappelijk betrokken zijn en niet puur financieel denken. Dat kon de bank mij niet bieden.’

Meer grip
Vanaf 1 januari 2017 zat Jenneke thuis in Soest. Zonder baan. Van hollen naar stilstaan. ‘Maar zeer leerzaam. Ik moest mezelf afvragen: wie ben ik als mens als ik geen werk meer heb?’ Het antwoord kreeg ze gaandeweg na veel wandelen door bos en over hei. ‘Mijn inzicht was dat ik een kind van God was die een plek zocht om haar talenten in te zetten. Ik moest opnieuw overdenken hoe ik in het leven stond.’ Na enkele maanden kreeg ze nieuwe banen aangeboden. Maar ze hapte niet toe. Ze hoefde ook niet per se terug naar de bank of het bedrijfsleven. Jenneke had psychologie gestudeerd, niet uit passie maar omdat ze drie keer uitgeloot was voor een studie medicijnen. Dokter werd ze niet, maar psycholoog vond ze eigenlijk ook te zweverig. ‘Ik houd van redeneren, dat is leuk en zinvol. Maar ik was bang in drijfzand weg te zakken als psycholoog. Daarom koos ik op een gegeven moment voor de bank. Daar had ik meer grip op de materie. In dat bedrijf kon ik redeneren en had ik cijfers om mij op te baseren, om vaste grond onder mijn voeten te hebben.’

Protestant
Op een dag sprak ze met een headhunter. Hij zocht een nieuwe directeur voor het Kerkelijk Bureau van de Protestantse Kerk Amsterdam. ‘Wat mis je het meest?’, vroeg hij. Jenneke antwoordde: ‘Mensen, strategie en het oplossen van een probleem.’ De volgende vraag: ‘Ben je spiritueel?’ Nee, antwoordde Jenneke, ik ben protestants. Voor haar geen Boeddhabeeldjes. Ze is ook geen lezer van de Hapinezz. ’God heeft zijn zoon naar ons gestuurd. Zijn leven veranderde de wereld. Zo simpel is het.’ Precies wat hij wilde horen. Ze moest wel even slikken, want aan een baan bij de kerk had ze nog nooit gedacht, ondanks dat ze in de kerkenraad in Soest zat. Maar de functie bij de Protestantse Kerk was eigenlijk precies wat ze zocht. Haar man Guido zei meteen: ‘Als je van een uitdaging houdt en van mensen en strategisch denken, is dat wat bij jou past.’

Meer focus
Zodoende zit ze een jaar later in het kantoor aan de Nieuwe Keizersgracht. De boel is opgeschud. Taken zijn veranderd, flexwerken is ingevoerd en dit voorjaar volgt een verhuizing naar het pand van de Protestantse Diaconie Amsterdam. Meer dynamiek, dat is wat ze wil. ’We zijn volop in beweging, aan het bijsturen. Dat kan hier prima. Je kunt de wind niet bepalen, maar je kunt in de boot wel overstag gaan als dat nodig is.’ Het grootste verschil met de bank? Ze valt voor het eerst in het gesprek even stil. ‘Ik vind de bank meer gefocust. Gek genoeg lijkt de missie daar soms duidelijker dan bij de kerk: de klant staat centraal en ook de aandeelhouders moeten tevreden worden gehouden. Wat je daar ook van vindt: het geeft koers en richting. In de kerk zie ik vaak een wat al te lieve cultuur, die niet altijd dienstig is aan de opdracht van de kerk.’ Mag de kerk wat professioneler worden? ‘Ja, dat mag wel, zonder dat je doorschiet in een professionaliteit met allerlei protocollen die niet dienstbaar zijn. Ik zie dat wel in de zorg. Maar als het tot gevolg heeft dat af en toe de eigen gedachten en het eigen geloof ondergeschikt worden gemaakt aan wat de kerk en anderen nodig hebben, helpt dat wel.’

Platform
Het verbaast niet dat een manager als Jenneke Welmers van het instituut kerk graag over wil naar de kerk als beweging. Niet als modieus begrip, maar omdat het noodzaak is. ‘In een beweging zit energie. Mijn visioen voor de kerk van de toekomst is dat er op allerlei plekken in Amsterdam iets te geloven valt. Een plek voor stilte en mystiek, of een plek waar christelijke yoga wordt gegeven, of waar een vesper gehouden wordt. Op weer een andere plek speelt een band en worden er evangelische liederen gezongen, of een lezing gehouden met debat. De kerk als platform voor diverse vormen van geloven. Daarbij zijn we idealiter net zo veel gericht op de stad als op elkaar.’ Nee, over de toekomst is ze niet pessimistisch. ‘Het geeft te denken dat mensen € 129,- neertellen voor een cursus bij de School of Life, terwijl onze zondagse erediensten gratis zijn. Aan onze geloofsinhoud ligt het niet, alleen de vorm is soms beroerd. De wereld is in transitie, dan kunnen wij niet stil blijven zitten. God moet ook in een veranderende stad Zijn plek kunnen vinden.’

Tekst: Wilfred Scholten. Foto: Marloes van Doorn

Sluit Menu