Vraag van advent verschil tussen hoopvol en hopeloos

Het zal jou, waarde lezer, vast al wel eens verteld zijn dat we het kerstfeest te danken hebben aan een list van de snel groeiende vroege kerk. Want overal ter wereld – op het noordelijk halfrond bedoel ik eigenlijk – werden rond de donkerste dagen van het jaar allerlei ‘heidense’ lichtrituelen uitgevoerd om de overwinning van het licht op de duisternis te vieren, naar gelang de betreffende cultuur. Wie het bedacht heeft is geniaal: laten we de geboorte van Christus die immers ‘het licht der wereld’ genoemd wordt verbinden met die dagen waarin al die mensen in hun duisternis in de weer zijn met kaarsjes, vuurtjes en lichtspektakeltjes. Het moet gezegd: deze integrerende operatie is buitengewoon geslaagd, al vind ik dat de tuincentra en etaleurs de laatste tijd wel een tikje overdrijven.

Kerst hebben we te danken aan een list van de vroege kerk

Maar toen ontstond ergens in de 6e eeuw de periode van Advent, dat zoveel als ‘komst’ betekent. Het zou een lelijk misverstand zijn te denken dat dat de komst van of de voorbereiding op het kerstfeest zelf is. Met een beetje doorwerken staat zo’n kerstboom er immers met een klein uurtje wel.

Tijd nemen voor de vraag naar onze toekomst, naar het einde aan de beklemmende onzekerheid

Die vier weken voor Kerst hebben iets anders op het oog: het verlangen, het verwachten, het uitzien zelf. Die menselijke drijfveer bij uitstek en dit jaar op een bepaalde manier sterker dan ooit doorgaans geuit als een verzuchting van verlangen naar ‘terug naar normaal’. Maar die vraag naar onze toekomst, persoonlijk en maatschappelijk; naar verlichting van wat ons zo ontiegelijk zwaar valt; naar dat einde aan de beklemmende onzekerheid dat alle energie bij je weg kan trekken; naar een nieuwe, in elk geval dan toch vernieuwde aarde, daar eens flink de tijd voor nemen, ja, hoe betekenisvol is het om dat in de donkerste weken van het jaar te doen.

De vraag van advent is niet de vraag naar normaal, maar door wie of wat wij ons verlangen laten sturen

Al die kribbes komen wel weer vol in de komende kerstnacht, daar maak ik mij geen totaal geen zorgen om, al zal het dit jaar wat anders dan anders gevierd worden. Maar de vraag van Advent, die vind ik vele malen spannender. Het is niet de vraag naar ‘normaal’, maar de vraag door wie of wat wij ons verlangen en verwachting laten sturen. Het antwoord maakt het verschil tussen hoopvol en hopeloos, tussen waarheid en leugen, en ja dat ook, tussen duisternis en licht. Met terugwerkende en vooruitgrijpende kracht: hoe mooi om deze vier weken met deze zo intense vragen naar ‘dat wat komt’ te beantwoorden in de Geest van die mens van God die het licht der wereld wordt genoemd. Wijzelf, onze samenleving, de wereld zou er van opademen.

Geschreven door: ds. Herman Koetsveld

Heb jij je al aangemeld voor de digitale adventskalender van de Protestantse Kerk Amsterdam? Vanaf 1 december dagelijks een hartverwarmende WhatsApp met een lied, gedicht, filmpje, etc.